Onlangs las ik een blog van een leerlingenbegeleidster in Nederland. Ze kreeg een leerling uit het middelbaar onderwijs in haar bureau die al aan zijn zesde (!) school toe was, en die het nu in deze nieuwe school alweer te bont maakte. Hij stond op de zogenaamde ‘leerlingen-risico-lijst’. Een soort zwarte lijst, eigenlijk. Ik snap die lijst rationeel wel, scholen staan voor enorme uitdagingen, er wordt héél veel gevraagd van leerkrachten, ik vermoed té veel. Met mijn hart voel ik ook: je zal er als kind maar op staan, op die lijst.

De leerlingenbegeleidster had een ingeving om de jongen een ‘leerkrachten-risico-lijst’ te laten opstellen. Heel eenvoudig mocht hij op zijn lessenrooster aanduiden met groene en rode stiften bij welke leerkrachten het goed ging, en bij wie minder. Vervolgens keken ze samen ook naar wat er dan precies goed of niet goed was. Het was voor de jongen heel fijn om vast te stellen dat er meer groene dan “rode leerkrachten” waren, en ook waren er een aantal neutraal. En dat het vaker goed dan slecht gaat. Ik was geboeid door het verhaal en vroeg me af: wat maakt dat het voor een leerling goed gaat bij een leerkracht? De antwoorden waren eenvoudig, ik citeer ze even:

Hij vertelt over de leraar die hem altijd groet wanneer hij binnenkomt en even herhaalt dat als er iets is, hij zijn vinger kan opsteken, dat werkt.
Hij vertelt over de leraar die wanneer hij alles laat vallen, vriendelijk reageert en soms helpt opruimen.
Die ene leraar die wanneer hij een boek vergeten is, niet gelijk een 1 geeft, maar zijn eigen boek uitleent.
Hij vertelt over de juf die hem aan haar tafel laat zitten als hij echt te onrustig is of die hem haar persoonlijke assistent maakt, zodat hij altijd de blaadjes mag uitdelen of iets mag halen of wegbrengen.
De juf die zegt: “Oh wat fijn dat je er bent” wanneer hij te laat binnenkomt. “

Het lijkt zo vanzelfsprekend, zo simpel bijna. En wat maakt dat deze leerling over de rooie gaat?

Hij vertelt over de docent die hem wegstuurt, nog voordat hij binnen is.
Die zegt dat hij niets zal bereiken, dat hij alvast de zoveelste school mag gaan uitzoeken.
De docent die zegt dat speciaal onderwijs nog niet haalbaar is.
De docent die zijn privé-informatie deelt met de klas.
De docent waarbij hij niet weet waarom, maar waar het gewoon niet gaat.

Het raakt me dat deze jongen dit meemaakt: die zwarte lijst lijkt een self-fulfilling prophecy, wie daarop staat wordt, wordt precies al op voorhand opgegeven. Maar… Ik herken ook wel die ‘rode reacties’ bij mezelf: het gebeurt dat één van mijn kinderen iets zegt of doet dat mij op de kast jaagt en ik besef dat ik met mijn reactie daarop eerder op de rode lijst zou staan dan op de groene lijst. Dus deze blogpost is absoluut geen aanval naar leerkrachten of naar wie dan ook. Want kinderen grootbrengen is elke dag opnieuw een gigantische uitdaging: handelen en reageren, bijsturen en rechtzetten, excuses aanbieden en accepteren, vasthouden en loslaten. We maken allemaal per definitie fouten. Kinderen grootbrengen is de moeilijkste taak in een mensenleven, en tegelijk ook de meest vervullende, wanneer we er in slagen de rode momenten voor alle partijen in groene te transformeren.

Ik ben blij dat de jongen een fijne leerlingenbegeleidster heeft gevonden, en dat deze methode voor hem zo goed werkte. Leerling en leerkrachten konden aanvankelijk anoniem en met diplomatische tussenkomst van de leerlingenbegeleidster bijsturen, behoeften aangeven en beantwoorden. Het resultaat was fantastisch!

Kinderen dagen ons (ouders, opvoeders, leerkrachten, …) flink uit om te kijken naar de stukken in onszelf die op onze eigen ‘interne’ risicolijst staan. Net als kinderen hebben wij ook onze rode omstandigheden en situaties die alle knoppen van onze innerlijke flipperkast doen afgaan. Dan hebben ook wij iets of iemand nodig die de rust in ons hoofd terugbrengt.

Heb jij een kind dat het soms te bont maakt? Dat kan op school zijn, maar uiteraard ook thuis, of elders. Dat kan eenmalig of dagelijks zijn, dat maakt eigenlijk niet zoveel uit. Als het gedrag van je kind je raakt, dan toont je kind iets dat ook van jou is. Wanneer we als ouders bij onszelf op zoek gaan naar ons eigen groen, kunnen we kinderen die ‘in het rood gaan’ makkelijker en sneller bijsturen om hun groen weer terug te vinden. Want dat kunnen kinderen nog niet alleen. Daarvoor hebben ze ouders en leerkrachten en een heel dorp voor nodig!

Maar… hoe ga je van rood naar groen? Wat in theorie soms simpel lijkt, is in de praktijk vaak aartsmoeilijk.

Old school pen & papier zullen je helpen om inzicht te krijgen. Door je gedachten neer te schrijven worden ze helder en concreet. Wat speelt er bij jou en bij je kind, en wat kan je vervolgens doen zodat jullie allebei van rood naar groen gaan?

Hieronder vind je zes vragen. Gebruik ze om al schrijvend te reflecteren, jouw antwoorden te vinden en je kind op een andere manier te helpen dan je tot nu toe altijd deed. Veel succes!


  1. Wat zijn voor jouw kind rode momenten of situaties?
  2. Wat zijn voor jouw kind groene momenten of situaties?
  3. Wat gebeurt er waardoor jij als ouder een rode dag hebt, of rood gedrag stelt?
  4. Wat heb jij nodig zodat het weer groen kan worden? Wat kan je zelf doen om het groen te maken?
  5. Zou het kunnen dat je kind misschien hetzelfde nodig heeft?
  6. Hoe zou het zijn als jij dit aan je kind geeft?

Hoe was deze oefening voor jou? Heb je inzichten gekregen en deze toegepast? Heeft het jou én je kind geholpen? Laat het weten hieronder in de comments hieronder (kan anoniem 😉 ) of stuur een mail naar joba@jobamarechal.be

Wil je graag meer schrijfoefeningen en inspiratie over verbinden & opvoeden, schrijf je dan onderaan deze pagina in op mijn nieuwsbrief. De volgende schrijfoefening valt dan al meteen in je mailbox!

De blogpost van de Nederlandse leerlingenbegeleidster kan je hier lezen.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *